Over mij

Mijn foto
De Brabant-Collectie is in 1837 in 's-Hertogenbosch opgericht door het Provinciaal Genootschap van Kunsten en Wetenschappen in Noord-Brabant en wordt sinds 1986 beheerd door de bibliotheek van Tilburg University
Posts tonen met het label natuurgebieden. Alle posts tonen
Posts tonen met het label natuurgebieden. Alle posts tonen

maandag 19 oktober 2026

Wandelen door de Brabant-Collectie: van Vlierden naar Deurne

Etappe 3 Langs de Brabantse Aa (16,3 km)

We lopen vandaag van de westrand van Vlierden naar Zeilberg, Deurne. Een route die in een rechte lijn te voet zo’n 5 km zou bedragen. Maar ons pad volgt (grotendeels) uiteraard de kronkelende Aa en dan komen we in totaal uit op 16 km wandelplezier.
De dorpskern van Vlierden bezoeken we niet, want onze route loopt er met een bocht omheen via de Karnweg. Bij zo’n straatnaam denk je wellicht aan het boerenleven van vroeger. Onderstaande foto van Anton Schellens uit de Brabant-Collectie geeft daar een mooi beeld bij.
Vrouw bij karnton. Foto. Maker: Anton Schellens. Formaat: 12 x 9 cm.
Vindplaats: Schel_ds06_47. © Anton Schellens / Brabant-Collectie, Tilburg University

De Karnweg wordt al snel een zandpad. Best iets om even bij stil te staan, want zandpaden verdwijnen in Brabant - net zoals in de rest van Nederland - in rap tempo. Ze worden verhard, omgeploegd of verdwijnen simpelweg om plaats te maken voor nieuwe wegen, bedrijventerreinen of woonwijken. Stichting De Brabantse Hoeders maakt zich al jaren hard voor het behoud van zandpaden in onze provincie. Zo riepen de Hoeders 2019 uit tot Jaar van het Zandpad. Hetty Gerringa schreef op hun verzoek een brochure, bedoeld als handreiking voor het behoud en de bescherming van zandpaden. En in hetzelfde jaar maakte filmmaker Mark Kapteijns deze prachtige filmimpressie.

Aan het einde van de Karnweg bereiken we de Oude Aa die we een flink eind zuidwaarts volgen. We verlaten Vlierden via de Kapelweg. Iets verderop, aan de Oude Torenweg, ligt de grafkapel van familie De Maurissens.
Grafkapel De Maurissens te Vlierden (mei 2026). 
© Jolanda van den Akker / Brabant-Collectie, Tilburg University

Onze bocht om Vlierden hebben we inmiddels volbracht en vanaf de doorgaande weg hebben we zicht op de molen Johanna-Elisabeth.
Molen Johanna-Elisabeth te Vlierden (mei 2026).
© Jolanda van den Akker / Brabant-Collectie, Tilburg University

We volgen de drukke Vlierdenseweg zuidwaarts, maar verlaten deze zodra de Astense Aa is bereikt. Op dit punt waren we ook al met etappe 2. We lopen kilometers in zuidoostelijke richting langs de oevers van de beek die sinds 2012 weer mag meanderen. Afhankelijk van het jaargetijde kan het hier behoorlijk drassig zijn en het gras tot boven je knieën reiken. Maar daar krijg je dan ook flink wat voor terug. In de lente en zomer ben je omringd door het geluid van kwakende kikkers en zingende vogels. Libellen en waterjuffers vliegen om je heen. De bewoonde wereld lijkt voor even ver weg. Een mooie impressie van Brabants beekdalen geeft deze film van Mark Kapteijns. Het gaat niet specifiek over de Astense Aa, maar het is een algemeen pleidooi voor aandacht en herstel van beeksystemen in onze provincie.
Iets verder op onze route wordt de idylle wel enigszins verstoord. De beek blijft prachtig, maar een scherper contrast met wat we links zien, is haast niet denkbaar: monotone graslanden en megastallen zijn daar de norm en het nabijgelegen motorcircuit De Galgenberg kan de stilte bruut verstoren.

Nog steeds lopend langs de Astense Aa bereiken we een klein bosgebied genaamd De Berken. Nabij het huidige brugje over de beek lag de watermolen op Ruth, daterend uit de 14e eeuw. De molen raakte vanaf de 17e eeuw in verval en nu zijn slechts enkele schamele restanten bij laag water zichtbaar.
De rood omcirkelde naam Rhut op onderstaande uitsnede van de Meierijkaart van Hendrik Verhees geeft aan waar de watermolen ooit stond.
Uitsnede van: Hendrik Verhees: Kaart Figuratief van het grootste Gedeelte van
Bataasch
(sic) Braband bevattende de Meyerye van 's Bosch etc. Kopergravure, gedrukt.
Graveur: Cornelis van Baarsel. Uitgever: Mortier Covens en Zoon, Amsterdam, 1794.
Formaat (gehele kaart): 91,5 x 108 cm. Vindplaats: Bataafs Brabant / Oost / 1794 (1)

Niet veel verder lopen we langs een gedenkteken voor de slachtoffers van de crash van een Lancaster-vliegtuig tijdens de Tweede Wereldoorlog.
Lancastermonument in De Berken (mei 2026).
© Jolanda van den Akker / Brabant-Collectie, Tilburg University

We bereiken de A67 en gaan daarna noordwaarts richting eindpunt Deurne. We lopen door de bossen van De Galgenberg en langs het motorcircuit. Er ligt hier ook een MTB-route, dus enige oplettendheid is vereist. Het laatste stukje in het bos lopen we langs de Oude Aa. Na het oversteken van de Liesselseweg vervolgen we de route langs deze beek. Via open boerenlandschap bereiken we Zeilberg, een buurtschap en later kerkdorp in de gemeente Deurne. Een bekende dorpsfiguur hier was Gerardus Kivits, lokaal bekend als Grard Sientje (Helenaveen 1893 – Zeilberg 1978). Lees vooral het verhaal dat Tij Kools op zijn website publiceerde over Grard. De Brabant-Collectie heeft enkele portretfoto’s van deze markante man in haar collectie; onderstaande van Gerardus van Mol is er een van.
Grard omgeven door honden. Foto. Maker: Gerardus van Mol. Datering: vóór 1978.
Vindplaats: Mol/Grard/006. © Brabant-Collectie, Tilburg University

Voordat we het spoor oversteken, ligt rechts van de weg waterplas De Clarinet. Gaston Remery maakte onderstaande foto van een boerderij, lokaal bekend onder de naam Hutje aan de zee, gelegen nabij De Clarinet. In de jaren 1960 werd deze boerderij gesloopt om meer plaats te maken voor de recreatieplas.
De Clarinet, Deurne. Foto. Maker: Gaston Remery. Datering: 1955.
Formaat: 30 x 40 cm. Vindplaats: GR/VP/04. © Brabant-Collectie, Tilburg University

Het eindpunt van vandaag is het Kerkplein in Zeilberg. Ter afsluiting deze feestelijke foto van een ereboog van turf, in 1930 opgesteld in de Zeilbergsestraat ter gelegenheid van 25-jarig priesterjubileum van pastoor Piggen.
Een eerepoort van turf te Zeilberg-Deurne. Foto. Maker: Fotopersbureau Het Zuiden.
Datering: 1930. Formaat: 18 x 24 cm. Vindplaats: ML / 412.2 (1) 

De volgende keer lopen we van Zeilberg dwars door Deurne naar eindpunt station Helmond Brouwhuis.

Bronnen en verder lezen:
  • Beschrijving van het "Lancastermonument" in de Berken te Asten. In: De Vonder, vol. 19, nr. 1, pag. 27-29, 2013. Vindplaats: T 09673
  • J. Biemans: Brabant wereldwijd: de fotografie van Gerardus van Mol. 's-Hertogenbosch: Stichting C.R. Hermans, 2019. Vindplaats: BRA Z6 BIEM 2018
  • M. Bouwmans: Zeilberg, van gehucht tot parochie. [S.l: s.n.], 1989. Vindplaats: BRA Y3 MORT 1989
  • H. Gerringa: Trek partij voor de Brabantse zandpaden, want weg = weg : wat iedereen kan doen om zandpaden te beschermen. Tilburg: Brabantse Milieufederatie, 2019. Vindplaats: CBM B 65987
  • Geschiedenis van de Astense Aa. In: De Vonder, vol. 24, nr. 3, pag. 18-19, 2018. Vindplaats: T 09673
  • P. Koolen: Onderduikers op de Baarschot. In: D’n Uytbeyndel, vol. 89, pag. 18-27, 2016. Vindplaats: T 07455
  • N. van Rijt: Beeldende verhalen over de geschiedenis van de Astense Aa. In: P. Koolen: Het cultuurhistorisch verhaal van Deurne. Deurne: Heemkundekring H.N. Ouwerling, 2018, pag. 48-49. Vindplaats: BRA Y3 CULT 2018
  • J. Timmers: Het dal van de Astense Aa en zijn omgeving: een historisch geografische verkenning en aanbevelingen voor cultuurhistorische opwaardering. Sept. 2008 (online resource)
  • H. Verhoeven: Zandpaden: kunstwedstrijd. Tilburg: De Brabantse Hoeders, 2019. Vindplaats: CBM B 65988

maandag 31 augustus 2026

Wandelen door de Brabant-Collectie: van Heusden (gem. Asten) naar Vlierden

Etappe 2 Langs de Brabantse Aa (14,7 km)

De wandeling van vandaag start bij knooppunt 85 in Heusden (gem. Asten). Al snel verlaten we het dorp en via een landweg bereiken we kasteelruïne Asten. Op de zogenaamde Meierijkaart van Hendrik Verhees, waarvan hieronder een uitsnede, staat de vermelding “Casteel op Heusden”.

Uitsnede van: Hendrik Verhees: Kaart Figuratief van het grootste gedeelte van
Bataasch
(sic) Braband bevattende de Meyerye van 's Bosch etc. Kopergravure, gedrukt.
Graveur: Cornelis van Baarsel. Uitgever: Mortier Covens en Zoon, Amserdam, 1794.
Formaat (gehele kaart): 91,5 cm x 108 cm. Vindplaats: Bataafs Brabant / Oost / 1794 (1)

De benaming ’t Huys tot Asten voor een versterkt huis dat hier stond, wordt voor het eerst gemeld in 1399. De daaropvolgende eeuwen groeide het uit tot een adellijk slot, met zijn architectonische hoogtepunt tijdens het bewind van Bernard van Merode. Erg wrang is dat Van Merode de verbouwing van het kasteel mede financierde door zijn brute heksenvervolgingen. Daarmee begon hij vrijwel direct na zijn aantreden als heer van Asten, in 1595. Hij liet zijn oog vallen op kapitaalkrachtige burgers, en dus niet op arme vrouwen zoals elders in de Peel gebruikelijk was. Bij een veroordeling tot hekserij vervielen alle eigendommen van de slachtoffers aan hem en zo kon hij zijn grondgebied en rijkdom aanzienlijk uitbreiden. In amper drie maanden tijd werden 25 vrouwen door zijn toedoen vermoord. Zijn laatste slachtoffer was Anna Ceelen, een weduwe uit Asten. Ze onderging de waterproef in de Aa, werd gemarteld in de kerkers van kasteel Asten en stierf daar aan haar verwondingen. Om haar lot en dat van de andere vrouwen nooit te vergeten, is op het kasteelterrein een speciale plek gecreëerd, het Anna Ceelen Huis.

Enkele eeuwen later, in 1941, maakte Martien Coppens onderstaande foto van de binnenplaats van het kasteel dat net een grondige renovatie achter de rug had.
Binnenplaats met poort van kasteel Asten te Heusden (Asten). Foto. Maker: Martien Coppens.
Datering: 1941. Formaat: 29,7 x 37,6 cm. Vindplaats: Cop / AL-K 16. © Nederlands
Fotomuseum, Rotterdam / Brabant-Collectie, Tilburg University

Maar helaas, die glorietijd was van korte duur. Aan het einde van de Tweede Wereldoorlog, in de nacht van 4 op 5 oktober 1944, troffen Duitse fosforgranaten de gerenoveerde hoofdburcht die volledig afbrandde. De voorburcht met het poortgebouw en de kasteelboerderijen bleven gelukkig gespaard. In de naoorlogse periode maakte Gaston Remery onderstaande foto op het erf van een boerderij behorend bij Kasteel Asten. De torenspits van de toegangspoort is op deze foto nog net zichtbaar.
Koeien melken bij kasteel Asten. Foto. Maker: Gaston Remery.
Datering: 1949-1953. Formaat: 20,1 x 25,1 cm. Vindplaats: GR/map 3 woning/044

Sinds 1984 beheert Stichting Behoud Kasteelerfgoed Asten het complex. Vanwege de kwetsbaarheid van de ruïne en de ligging op privéterrein is bezoek slechts op bepaalde dagen of op afspraak mogelijk (check de website van de stichting).
Zicht op kasteel Asten vanaf de wandelroute (april 2026).
© Jolanda van den Akker / Brabant-Collectie, Tilburg University 

Wij lopen verder en via de Voordeldonkse Broekloop komen we uit bij de Aa en niet veel later bij de Zuid-Willemsvaart. De makers van Langs de Brabantse Aa vermelden op het routekaartje van de wandeling: “Hendrik Verhees heeft met al zijn metingen en onderzoeken het voorwerk gedaan voor dit kanaal, zonder dat hij dat zelf wist.” Dat zit als volgt. In 1783 schreef het Bataafs Genootschap der Proefondervindelijke Wijsbegeerte een prijsvraag uit die luidde: ‘Welke hinderpalen zijn er tegen den aanleg van een kanaal tusschen ‘s-Hertogenbosch en Maasstricht of Luik, en zoo neen, wat is het beste plan?’ Verhees kwam met een gedetailleerd ontwerp, waarin hij aantoonde dat de aanleg van een dergelijk kanaal haalbaar was. Het genootschap keurde zijn plan goed en Verhees kreeg de gouden medaille. Overigens had hij geen concurrentie, want hij was de enige deelnemer. Politieke spanningen en geldgebrek maakten echter dat zijn plannen niet direct werden uitgevoerd. Pas in de periode 1822-1826 vond in opdracht van koning Willem I de aanleg van de Zuid-Willemsvaart plaats, naar ontwerp van A.F. Goudriaan. Ook al koos Goudriaan voor een ander tracé, Verhees kan worden gezien als een visionair die het voorwerk deed en de noodzaak en haalbaarheid van een dergelijk kanaal verwoordde.

We lopen Asten binnen. Onderstaande prentbriefkaart uit 1903 geeft een impressie van het straatbeeld aan de Markt rond die tijd.
Groeten uit Asten (Dorp). Prentbriefkaart. Maker en uitgever:
L.J. Coolen. Datering: vóór aug. 1903. Formaat: 9 x 13,8 cm. Vindplaat: JEG/134

Onze route volgt de oostkant van het dorp en passeert museum Klok & Peel en Sterrenwacht Jan Paagman. Een mooie gelegenheid voor een pauze en zelfs een museumbezoek.
Sterrenwacht Jan Paagman (april 2026).
© Jolanda van den Akker / Brabant-Collectie, Tilburg University

Via het buitengebied van Asten lopen we noordwaarts, volgen het viaduct over de A67 om vervolgens te genieten van de bossen en zandverstuivingen bij de Oostappense Heide.
Oostappense Heide (april 2026). © Jolanda van den Akker / Brabant-Collectie, Tilburg University

We steken de drukke N279 over en krijgen eindpunt Vlierden in zicht. Maar eerst maken we nog een mooie omweg langs de Astense Aa. Waar vroeger een rechte waterloop lag, is er na de herinrichting door Waterschap Aa en Maas en partners weer een meanderende beek ontstaan. En daar is het heerlijk wandelen.
Astense Aa ten zuiden van Vlierden (april 2026).
© Jolanda van den Akker / Brabant-Collectie, Tilburg University

Met enig geluk zie je – afhankelijk van het jaargetijde waarin je deze route loopt – kikkers in de poelen, een opvliegende watersnip langs de waterkant en/of kieviten in de weilanden. Laatstgenoemde vogel is in deel 1 van Cornelius Nozemans Nederlandsche vogelen etc. door vader en zoon Sepp prachtig getekend.
De kievit in: C. Nozeman, M. Houttuyn, C. Sepp, J.C. Sepp: Nederlandsche vogelen volgens hunne 
huishouding, aert en eigenschappen beschreeven.
 Te Amsterdam: by Jan Christiaan Sepp, 1770.
Vindplaats: KOD 041 G 01

We laten de Astense Aa weer achter ons en lopen Vlierden binnen. Knooppunt 42 is het eindpunt voor vandaag. Vanaf hier lopen we de volgende keer naar Deurne.

Bronnen en verder lezen:
  • J. Joeris: Heksenvervolging in Asten. In: De Vonder, vol. 5, nr. 3, 1999, pag. 4-14. Vindplaats: T 09673
  • R. van Nooijen: Leven, werk en tijdsbeeld van Hendrik Verhees (1744-1813), markant Boxtelaar. Boxtel: Stichting Cultuurgeschiedenis Boxtel-Meierij 'Hendrik Verhees', 2013. Vindplaats: BRA J NOOI 2013
  • N. van Rijt: Beeldende verhalen over de geschiedenis van de Astense Aa. In: P. Koolen: Het cultuurhistorisch verhaal van Deurne. Deurne: Heemkundekring H.N. Ouwerling, 2018, pag. 48-49. Vindplaats: BRA Y3 CULT 2018
  • P. Snijders: De Aa meandert weer, maar niet helemaal als vroeger. In: De Vonder, vol. 28, nr. 3, 2022, pag. 8-10. Vindplaats: T 09673
  • J.C. de Vet: Heksen en magische praktijken rond 1600. In: De Mulder, vol. 46, nr. 174, 2025, pag. 26-30. Vindplaats: T 07489

maandag 6 juli 2026

Wandelen door de Brabant-Collectie: van De Groote Peel naar Heusden (gem. Asten)

Etappe 1 Langs de Brabantse Aa (16,3 km)

Het startpunt van de wandelroute is knooppunt 82 bij het Buitencentrum van Nationaal Park De Groote Peel. Lopend over Limburgs grondgebied kunnen we genieten van het weidse uitzicht. Martien Coppens maakte hier een groot aantal foto’s (zie onze website BCfinder) met thema’s als vormen en structuren in de natuur en de werkende mens. Aan het einde van de Tweede Wereldoorlog fotografeerde hij onderstaande (plaggen)hut. Misschien is het wel dezelfde hut die wij passeren op onze wandeling…

(Plaggen)hut op de Peel. Foto. Maker: Martien Coppens. Datering: 1945. Formaat: 29,5 x 39 cm.
Vindplaats: Cop / IM 5a. © Nederlands Fotomuseum, Rotterdam / Brabant-Collectie


Hut op de Peel (februari 2026). © Jolanda van den Akker / Brabant-Collectie, Tilburg University
De rivier de Aa, die we de komende 13 wandeletappes gaan volgen, heeft haar oorsprong in de Peel. Denk hierbij niet aan één bron, maar eerder aan een ‘omgekeerde delta’, waarbij meerdere kleine stroompjes in het natte, hooggelegen veenlandschap bij elkaar komen en zo de rivier ‘voeden’. De Aa stroomt door oostelijk Noord-Brabant naar ’s-Hertogenbosch. Onderweg zijn er een tiental zijbeken en waterlopen die op de rivier uitkomen, zoals de Astense Aa en de Goorloop. Het beginwater wordt dus in de Peel gevormd en de zijbeken versterken de stroom.

Het rijk geïllustreerde rapport Cultuurhistorie van het landschap in het zuiden van het dal van de Aa (2017) van Jan Timmers is een aanrader voor allen die meer willen lezen over de Aa. Ook al is dit een adviesrapport, het bevat interessante informatie over de cultuurhistorie van het gebied dat voor een groot deel samenvalt met deze en volgende wandeletappes.


Vrij snel verlaten we de Peel en komen in een landschap gedomineerd door intensieve veehouderij. Eind 18e eeuw, toen Hendrik Verhees zijn Meierijkaart maakte, zag deze streek er volslagen anders uit. Onderstaande uitsnede uit die kaart maakt dat inzichtelijk: geen of nauwelijks bebouwing, maar wel grote, aaneengesloten stukken woeste grond. Op de kaart staat de tekst: “De Peel een Moerassige Streek Lands waar uit Turf gestoken wordt”.

Uitsnede van: Hendrik Verhees: Kaart Figuratief van het grootste gedeelte van Bataasch (sic) Braband 
bevattende de Meyerye van 's Bosch
 etc. Kopergravure, gedrukt. Graveur: Cornelis van Baarsel.
Uitgever: Mortier Covens en Zoon, Amsterdam, 1794. Formaat (gehele kaart): 91,5 x 108 cm.
Vindplaats: Bataafs Brabant / Oost / 1794 (1)
Over de veelzijdige Hendrik Verhees is veel geschreven en ook op de site van Langs de Brabantse Aa vind je de nodige informatie over hem. In de aankondiging van deze blogreeks hebben we hem kort geïntroduceerd. De komende etappes zullen we Verhees beter leren kennen.

Borststuk naar rechts en profil van Hendrik Verhees, gezet in ovaal.
Maker en datering onbekend. (Oorspronkelijk opgenomen in:
C. Rogge: Geschiedenis der staatsregeling, voor het Bataafsche volk, 1799)
Vindplaats: P / V 35 (1) 
Voor nu laten we het verleden achter ons en met de blik op oneindig bereiken we knooppunt 41. Hier zien we voor het eerst de Aa; een kaarsrechte beek met steile oeverwanden. Geen prozaïsche eerste ontmoeting dus, maar gelukkig zal dat gaandeweg onze wandelroute anders worden.

Rivier de Aa bij knooppunt 41 (februari 2026). © Jolanda van den Akker / 
Brabant-Collectie, Tilburg University
Zouden we op dit punt een stukje rechtdoor lopen, dan komen we bij de plek waar Harry Guntlisbergen in de tweede helft van de vorige eeuw onderstaande foto maakte van een boerderij aan de Moostscheiding. Dit weggetje vormt precies de – kaarsrechte - grens tussen Limburg en Noord-Brabant.

Moostscheiding, Someren. Foto. Maker: Harry Guntlisbergen. Datering:1970-2000. 
Formaat: 18,1 x 23 cm. Vindplaats: Gunt_H_735.
© Harry Guntlisbergen / Brabant-Collectie, Tilburg University
Wij volgen echter onze wandelroute, gaan niet rechtdoor, maar rechtsaf en lopen over zandpaden en rustige, kleine wegen. Ook al is het landschap grootschalig van opzet, de goede observeerder kan hier gelukkig nog vogels spotten als de putter, rietgors en boomkruiper. Maar het contrast met hetgeen fotograaf Gaston Remery zag in de jaren 1950 blijft groot. Vele zandpaden zijn inmiddels verdwenen en bovengrondse elektriciteitsmasten zien we hier helemaal niet meer.

Boerderijen te Someren. Foto. Maker: Gaston Remery. Datering: 1953-1954.
Formaat: 20,2 x 25 cm. Vindplaats: GR/map 3 woning/060

Heb je na het wandelen behoefte aan nostalgie en wegdromen bij het Brabant zoals het vroeger was, bekijk dan deze foto’s van Gaston Remery op BCfinder of leen bij de Brabant-Collectie zijn boek Platteland en dorpsleven.

We vervolgen ons pad en lopen langs de oostzijde van Someren-Eind. Het wandelpad voert door het kleine, maar interessante natuurgebied Starkriet. Van oudsher bestond dit natte beekdal van de Aa uit veen en broekbossen. In de jaren 1960 werd de rivier rechtgetrokken en kwam hier deels weiland te liggen. Maar inzichten veranderden. In 2001 werd Starkriet in gebruik genomen als waterbergingsgebied en kreeg de Aa haar meanderende karakter weer terug. Hiermee is het een van de eerste natuurlijke overstromingsgebieden van Nederland.

Natuurgebied Starkriet bij Someren-Eind (februari 2026).
© Jolanda van den Akker / Brabant-Collectie, Tilburg University
Zo’n beetje hetzelfde verhaal, over een kronkelende beek die recht getrokken is en na jaren weer mag meanderen, zien we bij de Eeuwselse Loop. Hier volgen we de beek die afwatert op de Aa en slingerend zijn weg zoekt bij Golfbaan Het Woold. Mocht je geïnteresseerd zijn in de herkomst van het woord eeuwsel, dan is dit een interessant artikel voor je.

En dan bereiken we Heusden (Asten) oftewel Heuze in het plaatselijke dialect. Over dit dorpje is heel wat geschreven, onder andere door Piet Snijders, schrijver en oud-journalist van het Eindhovens Dagblad. Bijvoorbeeld over de emigratiegolf die hier plaatsvond in de jaren 1950: zo’n 390 van de in totaal 1.400 inwoners besloot toen hun heil te gaan zoeken in Canada, Australië en Nieuw-Zeeland. Onder Bronnen en verder lezen vind je een aantal boeken en tijdschriftartikelen, maar een bezoek aan de Brabant-Collectie biedt nog meer mogelijkheden om te grasduinen.

Voor nu zit onze wandeling erop. De volgende keer gaan we verder bij knooppunt 84 en lopen dan naar Vlierden.


Bronnen en verder lezen:
  • T. van den Bosch-Wijnen: Wandeling door Het Starkriet 't Ven, Someren-Eind. In: De Vonder, vol. 21, nr. 1, pag. 14-16. Vindplaats: T 09673
  • H. van de Laarschot: Asnoth, bebouwde grond. In: C.A.M. van Zalinge-Spooren e.a.: Asten 800: verhalen uit de geschiedenis van Asten, Heusden en Ommel. Asten: Gemeente Asten, 2012, pag. 222-261. Vindplaats: BRA Y ZALI 2012
  • H. van Nuenen: De Aa, onze levensader. In: L. van Beek e.a.: De canon van Berlicum en Middelrode: 50 vensters op onze geschiedenis. Berlicum: Heemkundekring 'De Plaets', Berlicum-Middelrode, 2012, pag. 6. Vindplaats: BRA Y CANO 2012
  • P. Snijders: Eeuwenoud Heusden pas honderd jaar kerkdorp (1). In: De Vonder, vol. 28, nr. 1, pag. 11-12, 2022. Vindplaats: T 09673
  • P. Snijders: Eeuwenoud Heusden pas honderd jaar kerkdorp (2). In: De Vonder, vol. 28, nr. 2, pag. 7-8, 2022. Vindplaats: T 09673
  • P. Snijders: Het Heusdens emigrantenboek. Asten: Appel&Ei Producties, 2023. Vindplaats: BRA Y3 SNIJ 2023 
  • P. Snijders e.a.: Te Heusden bij het Moer. Heusden: Jubileumcomité Heusden, 1996. Vindplaats: BRA Y3 SNIJ 1996
  • P. Snijders: Veenkolonie De Moost, een land van lang geleden. In: W. van den Broek e.a.: Verhalen uit de vergetelheid: Speciale uitgave rond het 50-jarige bestaan van heemkundekring De Vonder Asten-Someren. Someren: Heemkundekring Asten-Someren De Vonder, 2022, pag. 81-130. Vindplaats: BRA Y3 VOND 2022
  • J. Timmers: Cultuurhistorie van het landschap in het zuiden van het dal van de Aa (online resource)
  • Waterschap de Aa, Afdeling Voorlichting: Historische gegevens over de rivier de Aa en het ontstaan van het Waterschap de Aa. S.l.: s.n., 1983. Vindplaats: CBM C 10532

maandag 7 juli 2025

Een hoeve met een intrigerende naam

Dat de Brabant-Collectie een unieke en rijke verzameling is, moge duidelijk zijn voor de lezers van ons blog. Hier tonen we immers graag onze meest fraaie bezittingen. Objecten die niet direct in het oog vallen, leiden vaak een meer verborgen leven. Maar ze kunnen op hun beurt onverwacht aanleiding zijn voor een aangename speurtocht door onze collectie.
Neem bijvoorbeeld onderstaande foto van Jan van Giersbergen. Deze afbeelding spreekt misschien niet meteen tot de verbeelding: een woonhuis, gelegen op een hoge oever, wat kale bomen en rechts twee boten in het water.
Hoeve 'De Dood' - Biesbosch. Foto, ontwikkelgelatinezilverdruk.
Maker: Jan van Giersbergen. Datering: 1950-1970. Formaat: 13,7 x 13,2 cm.
 Vindplaats: Giersb_NB_80. © Brabant-Collectie, Tilburg University
Het is hier niet zo zeer het beeld dat intrigeert, maar het opschrift van deze foto: Hoeve ‘De Dood’- Biesbosch. Voor een ieder met een gezonde dosis nieuwsgierigheid borrelt de vraag al snel op waar die naam vandaan komt. De foto zelf geeft, afgezien van genoemde tekst op de achterzijde, geen extra aanknopingspunten. Een snelle zoekactie op internet levert als resultaat dat het hier moet gaan om polder De Dood in de Brabantse Biesbosch. Blijft natuurlijk de prangende vraag waar die naam vandaan komt.

Kijkend naar de naamgeving van polders, dan is daar soms een zekere structuur in te vinden. Zo zijn er polders die eindigen op ‘waard’, ‘hoek’, ‘zand’ of ‘plaat’. Denk in het geval van de Biesbosch bijvoorbeeld aan Noordwaard, Jannezand en Toontjesplaat. Ook plant- en diernamen worden gebruikt: Palingsloot, Steurgat. Er zijn polders die herinneren aan de voormalige eigenaren, bijvoorbeeld Corneliapolder. En sommige namen (bijvoorbeeld Moordplaat) hinten op een meer duistere periode. Zou dat gelden voor ‘onze’ polder De Dood?
Online zijn enkele naamsverklaringen te vinden. Zo is er een anekdote die vertelt over een verdrietige boer met twee rivaliserende zoons in polder Boerenverdriet. Een ruzie tussen die twee liep uit de hand; de een stak de ander in polder Moordplaat met een hooivork in zijn rug. De gewonde man kon vluchten, maar stierf in de nabijgelegen polder De Dood. Een andere verklaring is dat de naam verwijst naar een koe die in de polder dodelijk werd getroffen door de bliksem. Verder schijnt in dit gebied ooit een familie gewoond te hebben met de naam 'Dood', 'Dodde' of 'Doede'. En dan is er nog de mogelijke correlatie met een eendenkooi. Het einde van de pijp van een eendenkooi wordt namelijk ‘de dood’ genoemd (denk aan de zegswijze ‘De pijp uit gaan’). Juist in deze polder bevond zich een van de grootste eendenkooien van de Brabantse Biesbosch. Ook Thomas Westerhout ziet hier de herkomst van de benaming van griendcomplex De Dood: “Een vreemd aandoende topografische naam, waarvan vrijwel zeker is dat die is ontleend aan het kooibedrijf en wel aan de benaming van het vang- of sterfhok.” (In: De tijd kent geen genade, 2020, pag. 19).


De polder heette overigens eerst Bloemplaat, maar dat leverde soms misverstanden op, omdat er zowel onder Drimmelen als onder Dussen een polder met die naam lag. Ten tijde van de kooiers begon de naam Bloemplaat te verwateren en kwam zowel in de volksmond als op papier de naam De Dood in zwang (Westerhout, 2020, pag. 19). Frank Saris stelt dat deze naam vanaf 1806 bekend is (F. Saris e.a.: De Biesbosch etc., 2021, pag. 83).


Naast kooikers waren vanaf de 15e eeuw tot in de jaren 1950 griendwerkers actief in de Biesbosch. De wilgentenen die ze kapten, hadden diverse toepassingen: vlechtwerk, oeverbeschoeiing, bezemstelen, meubels etc. Van Giersbergen legde het zware werk aldus vast.
Biesbos. Foto, ontwikkelgelatinezilverdruk. Maker: Jan van Giersbergen.
Datering: 1950-1970. Formaat: 13,2 x 17,9 cm.
Vindplaats: Giersb_NB_15. © 
Brabant-Collectie, Tilburg University
De werklui verbleven vaak een week in eenvoudige hutten in de Biesbosch, ver verwijderd van thuis. Een bekende uitdrukking uit die tijd was “Roeien tot de dood en verder op de zeilen”, en dat brengt ons weer bij polder De Dood. Online is te lezen: “De griendwerkers gingen ‘s maandags de Biesbosch in en kwamen er ‘s zaterdags weer uit. Dit betekende vaak zo’n drie uur roeien. Daarbij keek men naar het getijde, dat toen tussen de één en twee meter lag. In het staartje van de vloed werd van wal gegaan, waardoor men kon profiteren van het afgaand tij, om gemakkelijk diep de Biesbosch in de roeien. Ging men weer terug op zaterdag, dan profiteerde men van het opgaand tij om terug te varen. Er was een gezegde, dat in die tijd luidde: ‘Het is tobben tot de dood en dan zeilen’. De polder ‘De Dood’ lag ongeveer in het midden van de Biesbosch. Hiermee werd bedoeld, dat men tot vlak voor deze polder nog tegen de stroom in roeide, waarop het tij keerde en men het laatste deel op het getijde mee kon drijven. Kijk dus even op je kaart waar de polder ‘De Dood’ ligt.”
Een mooi aanknopingspunt om in onze kaartencollectie op zoek te gaan naar de polder met deze intrigerende naam.

Onze oudste kaart met vermelding polder De Dood is onderstaande uit 1842. Afgebeeld zijn de Biesbosch en Het Bergse Veld, een ondiepe binnenzee met droogvallende platen, ontstaan na de Sint-Elisabethsvloed van november 1421. Vóór die tijd lag hier de Grote of Zuid-Hollandse Waard: een uitgestrekt landbouwgebied tussen Geertruidenberg en Dordrecht, omgeven door een ringdijk en aangelegd in de 13e eeuw. Door een stormvloed bezweken diverse verwaarloosde dijken en stroomde het land vol water. Dorpjes werden verzwolgen, zo’n 3.000 mensen verdronken.
Nieuwe Kaart van het gedeelte der in 1421 verdronken Zuid Hollandschen Waard bekend
onder den naam van Biesbosch en Bergsche Veld.
 Lithografie. Maker onbekend. Datering: 1842.
Formaat: 37 x 43 cm. Vindplaats: Provincie Noord-Brabant / West / Biesbosch / 1842 (1) 
Op onderstaande uitsnede van deze kaart is te zien dat er in 1842 drie polders waren met het woord dood erin: de Beneden-dood of Bloemplaat, de Boven-dood of Moordplaat en de Nieuwe dood. In de tabel rechts staat dat bekading van de eerste twee polders plaats vond in 1813, en die van de Nieuwe dood in 1830. Op de Beneden-dood zijn een huis en een eendenkooi ingetekend. En op die plek staat nog steeds een huis, in de jaren 1950-1970 gefotografeerd door Van Giersbergen.
Uitsnede van: Nieuwe Kaart van het gedeelte der in 1421 verdronken Zuid
Hollandschen Waard bekend onder den naam Van Biesbosch en Bergsche Veld

De Werkendamse notabelen Gerard van Houweninge en zijn schoonzoon Bastiaan Verheij van den Boogaard kochten in 1813 polder de Bloemplaat. Op het moment van aankoop waren hier nog geen grienden, maar een twintigtal jaar later waren al tientallen hectares aangeplant. Rond 1916 was de polder nog verder gecultiveerd, zoals te zien is op onderstaande uitsnede van een kaart uit dat jaar.
Uitsnede van een kaart van de Biesbosch. Lithografie. Maker onbekend. Datering: 1916.
Formaat gehele kaart: 25 x 41,5 cm. Vindplaats: Provincie Noord-Brabant / West / Biesbosch / 1916 (1)
In 1851 kocht Gijsbert van Tienhoven (1801-1864) - gehuwd met Klasina Christina van den Boogaard (1806-1864) – van zijn oom Bastiaan de Bloemplaat of Beneden-Dood plus de aangrenzende polder Nieuwe Dood. Overigens bezat aannemer Gijsbert nog veel meer grond in de Biesbosch en het Land van Heusden en Altena. Gijsbert en Klasina waren de grootouders van onder andere Pieter G. van Tienhoven (1875-1953). Hij werd zelfbenoemd rentmeester van de eigendommen van de Van Tienhovens in de Biesbosch. Pieter was daarnaast medeoprichter, bestuurslid en penningmeester van de Vereniging tot Behoud van Natuurmonumenten in Nederland. Anders dan natuurbeschermer Jac. P. Thijsse, de initiator van Natuurmonumenten, was Pieter vooral de financiële strateeg die gespitst was op uitbreiding van het grondbezit van de vereniging. Frank Saris geeft in zijn boek Rentmeester van nature (2024) een interessante uiteenzetting over deze man en het karakter van natuurbescherming begin 20e eeuw. Maar daar gaan we in een van de volgende blogberichten nader op in. Uiteindelijk was familie Van Tienhoven ruim 99 jaar lang eigenaar en uitbater van deze polder. De Tilburgse aannemer J.G. Heijnen kocht in 1950 alles op en zette de exploitatie van de grienden voort, maar slechts voor acht jaar. In 1958 werd Staasbosbeheer de nieuwe eigenaar, en dat is nu nog steeds zo.
Dankzij een eigenzinnige medewerker van Staatsbosbeheer werd de polder een natuurontwikkelingsgebied avant-la-lettre. Consulent Wil Thijsen ging na een storm in 1962 namelijk tegen de gevestigde mores in. Een groot gat was in de dijk van De Dood geslagen. Thijsen stond voor de keuze: dure herstelwerkzaamheden laten verrichten of niks doen. Hij koos expliciet voor het laatste en daarmee werd de eerste ontpoldering in Nederland een feit. Het getij kreeg vrij spel en het water kon vrij in en uit de polder stromen: De Dood was een zogenaamde rijdende polder geworden. Dit bleek een gouden zet voor de natuur, want de vogelstand kende een explosieve toename. Maar Thijsen kreeg voor zijn ‘nalatigheid’ een officiële berisping. Later kwam men tot het inzicht dat ruimte geven aan de natuur juist kan leiden tot waardevolle ontwikkelingen. Polder De Dood is mede dankzij Wil Thijsen een belangrijk natuur- c.q. vogelreservaat geworden.

Een andere naam die niet onvermeld mag blijven in het kader van deze polder is die van Dirk Fey. Deze vogel- annex boswachter trad in 1965 in dienst bij Staatsbosbeheer en werkte hier ruim 43 jaar. Samen met zijn gezin betrok hij het huis op polder De Dood, hieronder ingetekend op een waterkaart van de ANWB.
Uitsnede van: Biesbosch ANWB Waterkaart. Kleurenoffset. Uitgever: ANWB. Datering: 1977.
Formaat: 60,5 x 76 cm. Vindplaats: Provincie Noord-Brabant / West / Biesbosch / 1977 (1)
In De tijd kent geen genade (Westerhout, 2020) staan twee foto’s van het huis op De Dood (pag. 266 en pag. 264). Westerhout schrijft dat het oorspronkelijk huis uit 1826 door een brand werd verwoest in 1915. Op dezelfde plek werd dat jaar een nieuw huis gebouwd. In 1939 volgde een grote verbouwing, waarbij onder andere een piramidevormig dak werd aangebracht. In 1988 werd wederom verbouwd, waarbij de buitendeur werd verplaatst van de zuidelijke naar de noordelijke gevel.

Een laatste speurtocht in onze kaartencollectie levert onderstaand juweeltje op. F.W. Michels maakte deze kaart in 1973 in opdracht van N.V. Waterwinningsbedrijf Brabantse Biesbosch. Het bedrijf wilde op 13 augustus 1974, de dag van de officiële ingebruikname van de spaarbekkens, laten zien hoe de Biesbosch erbij lag vóór de aanleg van die bekkens. Naast de kaart verscheen het boekwerkje De Biesbosch, waarin Michels een gedetailleerde toelichting geeft op zijn werk. De kaart blinkt uit in detaillering: namen van polders en boerderijen, vermeldingen van de talrijke eendenkooien, fraaie sierletters, een gravure van een geschilderd tweeluik, de gemeentewapens van omliggende plaatsen, en dat alles omlijst met 156 miniatuurtjes van planten, dieren en andere zaken uit de Biesbosch. De liefhebber kan hier veel kijkplezier aan beleven.
De Biesbosch tussen Nieuwe Merwede, Amer en Land van Heusden en Altena.
Gekleurde fotolithografie. Maker: F.W. Michels. Formaat: 67 x 92 cm. Datering: 1973.
Vindplaats: Provincie Noord-Brabant / West / Biesbosch / 1973 (1)
Hier en daar staan korte toelichtende tekstjes op de kaart. Zo ook bij ‘onze’ polder: De Dood Ao. 1813. Dijkbreuken dec. 1962. Sindsdien “rijdende polder”, en staatsnatuurreservaat, tezamen met de Vloedbossen, omsloten door Binnen- en Buitenkooigat, Gat v.d. Slek, en Gat v.d. Turfzak.
Uitsnede van: De Biesbosch tussen Nieuwe Merwede, Amer en Land van Heusden en Altena
Tot zover de duik in onze collectie, en dat alles naar aanleiding van een foto met een intrigerend opschrift. De Brabant-Collectie herbergt nog veel meer informatie over de Biesbosch, dus een bezoek aan ons is zeker de moeite waard. Digitaal kan dat uiteraard ook: zoeken op Biesbosch in BCfinder levert een schat aan informatie op.

Bronnen en verder lezen:
  • K. Mennen: Natuurbeschermers: een politieke gescheidenis van de natuurbeschermingsbeweging (1930-1960). Hilversum: Verloren, 2025. Vindplaats: NGE W3 MENN 2025
  • F.W. Michels e.a.: De Biesbosch. 's-Gravenhage: Mouton; Rotterdam: Waterwinningbedrijf Brabantse Biesbosch, 1974. Vindplaats: CBM B 02027
  • F. Saris e.a.: De Biesbosch: na zes eeuwen, land van het (weer) levende water. Woudrichem: Pictures Publishers 2021. Vindplaats: BRA W SARI 2021
  • F. Saris: Rentmeester van nature: Pieter G. van Tienhoven 1875-1953. Gorredijk: Noordboek, 2024. Vindplaats: NGE A7 SARI 2024
  • T. Westerhout: De tijd kent geen genade: zes eeuwen werken en wonen in en rond de Biesbosch: bevochten water, herwonnen land en de verdwenen polders in de Zuidwaard. Werkendam: De Angelot, 2020. Vindplaats: BRA Y WEST 2020
  • Online resource: West-Vlaamse Intercommunale Dienstverlenende Vereniging: Wilgenkartering in de Brabantse, Sliedrechtse en Dordtse Biesbosch 2012-2013. Uitgave april 2014. Klik hier.
  • W. van Wijk: Het Biesbosch boek. Zwolle: Waanders, 2009. Vindplaats: BRA W4 WIJK 2009
  • W. van Wijk: Historische atlas van de Biesbosch: zes eeuwen Biesbosch in 79 kaarten. Zwolle: WBOOKS, 2021. Vindplaats: BRA Z4 WIJK 2021

maandag 26 mei 2025

Wandelen door de Brabant-Collectie: Van Reek naar Grave

Etappe 13 Zuiderwaterlinie Wandelpad (17 km)

We starten de laatste etappe van het wandelpad bij knooppunt 45 en lopen door het buitengebied richting Escharen.
Het buitengebied tussen Reek en Escharen (augustus 2024).
© Jolanda van den Akker / Brabant-Collectie, Tilburg University
Wij blijven aan de zuidkant van dit dorp en lopen een stukje door het stroomgebied van de Graafsche Raam, een beek die het water van de Peelhorst afvoert. Een project van Waterschap Aa en Maas, afgerond begin 2024, heeft hier gezorgd voor meer ruimte voor natuur en cultuurhistorie.

De dorpen Escharen en Langenboom en de gehuchten Hooghal, Lagepoel en Hal vormden tot 1942 samen een zelfstandige gemeente. Daarna werden Escharen en Velp bij Grave gevoegd. In 2022 ging Grave op in de gemeente Land van Cuijk. Onderstaande plattegrond uit de Brabant-Collectie toont de omvang (2014 bunders) van die voormalige gemeente in het jaar 1865 en noemt het aantal inwoners, zijnde: 800.
Provincie Noordbrabant. Gemeente Escharen. Lithografie. Maker: J. Kuijper.
Datering: 1865. Formaat: 25,5 x 20,1 cm. Vindplaats: E 38.2 / 020 (1)
Nog een tip: wil je er helemaal bij horen, spreek de naam van het dorp dan uit als Esteren en nooit als Es-haren of Es-garen.

We vervolgen ons pad en maken een flinke slinger naar het westen alvorens we naar Grave gaan. In Nieuw-Velp lopen we langs Residentie Mariëndaal, een hersteloord gevestigd in een voormalig klooster. Na dit lommerrijke gedeelte begeven we ons weer door het polderlandschap, lopen noordwaarts en bereiken Oud-Velp. Bij knooppunt 72 passeren we de zogenaamde drie-eenheid: drie bouwwerken, samen goed voor 1.000 jaar aan religieuze geschiedenis. 
Beginnend met het oudste gebouw zien we de Sint-Vincentiuskerk, waarvan de historie teruggaat tot de 12e eeuw. Onderstaande prentbriefkaart van Martien Coppens dateert van vóór 1952.
Velp. Kerk met toren gedeeltelijk uit de XIIIe en XVIIe eeuw. Prentbriefkaart. Maker:
Martien F.J. Coppens. Datering: vóór 1952. Formaat: 15 x 10,5 cm. Vindplaats: pbk-V 28 / 411.11 Vinc (1)
Ga je hier op de kruising rechtsaf, en verlaat je dus even de route, dan kom je bij het refugieklooster Emmaus, daterend uit de 17e en 18e eeuw. Onderstaande prentbriefkaart is eveneens van Coppens.
Velp. Pandgang uit het Capucijnenklooster "Emmaus" XVIIe eeuw. Prentbriefkaart. Maker:
Martien F.J. Coppens. Datering: vóór 1952. Formaat: 15 x 10,5 cm. Vindplaats: pbk-V 28 / 441.21 Capu (1)
Weer terug op de route lopen we langs kasteelklooster Bronckhorst , een voormalig redemptoristinnenklooster uit de 19e en 20e eeuw.
Kasteelklooster Bronckhorst gezien vanaf het wandelpad (augustus 2024).
© Jolanda van den Akker / Brabant-Collectie, Tilburg University
Via een mooi pad langs de Hertogswetering lopen we Grave binnen, het eindpunt van onze lange wandeltocht. Omstreeks 1140 bouwde Herman II van Cuijk op een strategische plek aan de Maas een kasteel. Rondom deze burcht ontstond een nederzetting die Grave ging heten en die later uitgroeide tot een belangrijke vestingstad.
Grondtekening der Stad Graave. Ets. Maker: J. Wagenaar.
Datering: vóór 1751. Formaat: 24,7 x 27,6 cm. Vindplaats: G 67 / 020 (5)
Die strategische ligging had zeker voor de inwoners van de stad ook zijn keerzijde; geen enkele vestingstad is zo vaak veroverd en bestookt als Grave. De Brabant-Collectie heeft over dit onderwerp een aanzienlijk aantal boeken, prenten en kaarten in huis; voor een overzicht klik hier. Een voorbeeld uit onze collectie is onderstaande kaart die het beleg van de stad door de troepen van prins Maurits van Oranje in het jaar 1602 toont.
Hic est situs Oppidi Grauiae cum á Excellentia de Nassou occuparetur Anno 1602
Septembris 2.
 Gekleurde kopergravure. Maker: L. Guicciardini. Datering: 1612-1648.
Formaat: 27 x 36,4 cm. Vindplaats: G 67 / 1602 (3) (bis)
Het kasteel raakte tijdens het Beleg van 1674 door Willem III zwaar beschadigd, werd onbewoonbaar en in de daaropvolgende jaren gesloopt. Onze wandelroute gaat verder over De Kat, een historische verdedigingsheuvel en het enige zichtbare overblijfsel van het kasteel. Op de heuvel hebben we zicht op een lang L-vormig gebouw, het voormalige arsenaal.
Vestingpark De Kat in Grave (augustus 2024).
© Jolanda van den Akker / Brabant-Collectie, Tilburg University
We lopen verder en passeren de Hampoort waar momenteel het Stadsmuseum Grave is gevestigd. Het bouwwerk uit 1688 verving eerdere stadspoorten en is nu het enige overgebleven poortgebouw van Grave.
Grave Hampoort. Prentbriefkaart. Maker en datering onbekend. Uitgever: "De Bazar"
A.M. Kuerten, Grave. Formaat: 9 x 14 cm. Vindplaats: pbk-G 67 / 111 Hamp (6) 
De Hampoort in Grave (augustus 2024).
© Jolanda van den Akker / Brabant-Collectie, Tilburg University
Al snel bereiken we knooppunt 22, het officiële eindpunt van het Zuiderwaterlinie Wandelpad. Maar het loont zeker om nog enkele honderden meters aan het pad toe te voegen en door te lopen naar de Hoofdwagt. Onderstaande prent geeft een impressie van het straatbeeld rond 1730.
Markt en Hoofdwagt te Graave 1732. Stadhuis en Hoofdwagt te Graave. 1732. Gekleurde ets.
Tekenaars: C. Pronk resp. A. de Haen. Graveur: H. Spilman. Datering: omstreeks 1750.
Formaat: 28 x 20,8 cm. Vindplaats: G 67 / 121 Mark (1)  
Op nummer 2 is het Zuiderwaterlinie Bezoekerscentrum gevestigd, waar op interactieve wijze de linie wordt belicht. Tevens kun je hier een speldje ophalen als herinnering aan deze mooie wandeltocht van 290 kilometer dwars door de provincie Noord-Brabant.
Aandenken aan Zuiderwaterlinie Wandelpad (augustus 2024).
© Jolanda van den Akker / Brabant-Collectie, Tilburg University
En zo komt het tweede wandelpad uit de blogreeks Wandelen door de Brabant-Collectie ten einde. Met de zomer in aantocht is het nu tijd om zelf de wandelschoenen aan te trekken en er op uit te gaan.

Verder lezen:
  • H. Alkemade e.a.: De canon van Grave. Grave: Stichting Graeft Voort, 2012. Vindplaats: BRA Y ALKE 2012
  • J. Cuijpers en J. Knegtel: Het Rampjaar van Grave. In: Rampjaar of jubeljaar? Brabant in 1672-74. Tilburg: Zuidelijk Historisch Contact; Woudrichem: Pictures Publishers, 2022. Vindplaats: BRA T2 KNEG 2022
  • Pater Gerlach: KapucijnenKlooster Emmaus te Grave-Velp: derde eeuwfeest, 1662-1962. S.l.: s.n., 1962. Vindplaats: CBM C 03613
  • J. van Lennep en W.J. Hofdijk: Het kasteel te Grave. Leiden: Brill, ca. 1870. Vindplaats: TRE C 0250
  • C.R. Patist: Het beleg van de stad Grave in 1674. Nijmegen: U.H.N., 1977. Vindplaats: BRA N2 PATI 1977
  • M. Roel: Velp van eeuwen geleden... tot heden. S.l.: s.n., 2008. Vindplaats: BRA Y ROEL 2008
  • A. Vernooij: Verwoest kasteel van Velp werd landhuis en klooster. In: Tussen Maas & Erfdijk: periodiek Heemkundekring Land van Ravenstein, 2022, nr. 27, pag. 5. Vindplaats: T 10996.
  • J. Wijnen: Emmaus-Velp: waar kapucijnen de eeuwen overleven. ‘s-Hertogenbosch: Minderbroeders Kapucijnen, 1994. Vindplaats: CBM B 44787
  • J. Willemsen e.a.: Kroonwerk Coehoorn: een verdedigingswerk van de Brabantse vestingstad Grave in het Gelderse Nederasselt. Heumen: Erfgoedplatform Gemeente Heumen, 2020. Vindplaats: BRA N2 WILL 2020