Over mij

Mijn foto
De Brabant-Collectie is in 1837 in 's-Hertogenbosch opgericht door het Provinciaal Genootschap van Kunsten en Wetenschappen in Noord-Brabant en wordt sinds 1986 beheerd door de bibliotheek van de Universiteit van Tilburg

maandag 11 juni 2018

DVD: Joodse kinderen in kamp Vught

Op 6 en 7 juni 1943 vond in concentratiekamp Vught het Kindertransport plaats. Bijna 1.300 joodse kinderen, veelal samen met hun moeder, werden weggevoerd naar Westerbork. De meesten werden binnen enkele dagen doorgestuurd naar de gaskamers van Sobibor.
September 1999 werd op het terrein van het herdenkingscentrum Nationaal Monument Kamp Vught een gedenkteken voor dit Kindertransport geplaatst. Ter gelegenheid van de plaatsing van het monument schreef Janneke de Moei het boek Joodse kinderen in kamp Vught. De schrijfster en andere betrokkenen constateerden dat er behoefte was aan educatief materiaal rondom dit onderwerp en stelden deze DVD, lesmateriaal en een speciale website samen.
Op de DVD vertellen acht mensen die de kampen overleefden over de razzia's, Vught en het transport. In de korte documentaire Wat kunnen ze nou met ons doen? vertelt ooggetuige Lotty Huffener, samen met drie andere overlevenden, over haar ervaringen. Hun woorden worden afgewisseld met beelden van vrije, spelende kinderen nu, waardoor een indringend beeld wordt gegeven.

De DVD is te bekijken op de raadpleegpc's van de universiteitsbibliotheek op niveau 0.
Vindplaats: BENG DVD JOOD 2007

woensdag 6 juni 2018

Brabant-Collectie prominent op Kringgildedag 2018


Gildevaandels in de koepelhal van het Evoluon
Op zondag 3 juni jl. werd in en rondom het Evoluon te Eindhoven voor de tweede maal de wederom drukbezochte 76e Kringgildedag Kempenland georganiseerd. Ook de Brabant-Collectie was aanwezig met een stand en fotopresentatie van een zeventigtal gildefoto’s uit eigen collectie. Dit jaar was het thema ‘Schuttersgilden ontmoeten Brabants Immaterieel Erfgoed’.
Bibliothecaris Pia van Kroonenburgh bij de stand van de Brabant-Collectie
Prof. dr. Wim van de Donk, commissaris van de Koning in Noord-Brabant, werd bij aankomst door alle gildeleden en mannenkoor La Bonne Espérance feestelijk toegezongen. Na de gildeviering, koffietafel en het aanbieden van de erewijn, begon de stoet van de deelnemende Kempische gilden. Elk gilde presenteerde zich voorafgaande aan de massale opmars op het terrein voor de ingang van het Evoluon. Raadsheer Tony Vaessen (vrijwilliger bij de Brabant-Collectie) was de spreekstalmeester van deze Kringgildedag.
De laatste deelnemer van de stoet: Het Heilig Kruisgilde Gerwen


Vendelen na de massale opmars
Voor de wedstrijden van de verschillende onderdelen o.a. trommen, vendelen en schieten, maar ook de stoet en de tentoonstellingen waren prijzen te verdienen. Emy Thorissen, conservator van de Brabant-Collectie, was een van de juryleden.
Een van de standaardruiters op het centrale veld

Gildetrommen van het St. Martinusgilde Waalre
Meer foto's zijn te zien op de Facebookpagina van de Brabantse schuttersgilden.

maandag 28 mei 2018

Tijdschrift: Helmonds Heem

Het tijdschrift Helmonds Heem, een uitgave van Heemkundekring Helmont, verschijnt vier keer per jaar. Het bevat artikelen over heemkundige onderwerpen en de gescheidenis van Helmond. De auterus worden zowel binnen als buiten het ledenbestand van de kring gevonden. Het periodiek brengt de leden tevens op de hoogte van activiteiten van de vereniging en publicaties die verschijnen over Helmond.
Heemkundekring Helmont is op 1 januari 2011 ontstaan uit de fusie van Heemkundekring 'Helmond-Peelland' en Heemkundekring Beistervelds Broek. Eerstgenoemde kring is op 24 mei 1948 opgericht, maar in 1939 startte Heemkundige studiekring Helmond e.o. die als voorganger gezien kan worden. Deze kring heeft echter maar kort bestaan vanwege een verbod door de Duitse bezetter in september 1941. Doelstelling van de huidige heemkundekring is het Helmonds erfgoed bewaken en bewaren voor de toekomst, zodat iedereen hiermee kennis kan maken. Ook streeft men ernaar de historische en culturele identiteit van Helmond te behouden.
Helmonds Heem heeft in de loop der tijd een aantal naamsverandering doorgemaakt. De oorspronkelijke naam Mededelingenblad van Heemkundekring "Peelland" (1954-1976) veranderde in Helmond's Heemkroniek (1976-1979). Van 1980 tot 1982 heette het tijdschrift Heemkroniek, daarna hanteerde men de huidige naam.

Naar aanleiding van het 70-jarig bestaan van de kring is onlangs een jubileumeditie verschenen, die gewijd is aan het ontstaan en de geschiedenis van de heemkundekringen in Helmond. De gemeente bestaat uit vier kernen: Stad Helmond en de voormalige dorpen Stiphout, Mierlo-Hout en Brouwhuis. De stad is ontstaan uit een nederzetting tussen De Haghe en Het Hoogeind. In 1179 wordt Helmond voor het eerst genoemd in een bulle van paus Alexander III. Hertog Hendrik I van Brabant stichtte de stad in 1225 en de stadsrechten zijn omtrent 1232 verkregen. Na een aantal eeuwen van voorspoed wordt Helmond in de late middeleeuwen getroffen door tegenslagen en oorlogsgeweld, met als dieptepunt de grote stadsbrand in 1587. Vanaf de 19e eeuw is Helmond een industriestad met veel metaal- en textielnijverheid, de laatste jaren aangevuld met vele nieuwe bedrijven.
In het tijdschrift is verder gepubliceerd over de geschiedenis van percelen en huizen in het oude centrum van Helmond, binnen het gebied dat begrensd wordt door de voormalige wallen van de stad.

De inhoudsopgave is online te raadplegen op de site van de heemkundekring. Het tijdschrift en haar voorgangers is aanwezig en raadpleegbaar op niveau 0 van de universiteitsbibliotheek. 
Vindplaats: T 07460

maandag 14 mei 2018

Tijdschrift: De Runstoof

De Runstoof is het kwartaaltijdschrift van Heemkundekring 'Carel de Rooy', dat als werkgebied de voormalige gemeente Alphen en Riel heeft. De kring is op 5 februari 1948 opgericht door de toenmalige pastoor en amateurarcheoloog Willem Binck, tevens oprichter van Brabants Heem. Doelstelling van deze heemkundekring is het verleden toegankelijk te maken en houden door het vastleggen en bewaren van gegevens in beeld, geschrift en voorwerpen. Daarnaast wil men inwoners interesseren voor en actief laten deelnemen aan activiteiten met betrekking tot het erfgoed van hun voorouders. De naam Carel de Rooy verwijst naar de schepen van Alphen (1642-1670) en tevens plaatsvervanger van de schout van Alphen, Baarle en Chaam. Tijdschriftnummer 1 van 2018 bevat het eerste deel van een artikelenreeks over Carel de Rooy, geschreven door Jan van Gils.
De Runstoof wordt sinds 1977-1978 uitgegeven en bevat artikelen over uiteenlopende onderwerpen met betrekking tot heden en verleden, voornamelijk in relatie tot Alphen en Riel. De naam van het periodiek is een samentrekking. Run is fijngemalen eikenschors, een belangrijk hulpmiddel in de leerlooierij, ooit de oudste en belangrijkste industrie in Alphen en Riel. De hete, smeulende run werd tevens gebruikt in een stoof die diende als voetenwarmer. Dit leidde tot de naam runstoof, als symbool om de belangstelling voor het heem warm te houden, de leden te laten participeren in heemkundige activiteiten en het blad te vullen met hun bijdragen.
Februari 2018 verscheen t.g.v. het 40-jarig bestaan van De Runstoof en het 70-jarig bestaan van de heemkundekring een speciale editie, getiteld Bouwen en wonen in Alphen van 709 tot 1940 door Sjef Backx (auteur) en Jan van Eijck (redactie). Backx was architect en had voor zijn overlijden in 2002 een studie geschreven over de (bouwkundige) geschiedenis van Alphen. Jan van Eijck heeft dit later aangevuld en geredigeerd.
Een overzicht van verschenen artikelen in De Runstoof vindt u hier.

Het tijdschrift is aanwezig van jaargang 1 (1977-1978) tot heden en raadpleegbaar op niveau 0 van de universiteitsbibliotheek.
Vindplaats: T 07438

vrijdag 4 mei 2018

DVD: Loyaal! Maar waaraan?

Tijdens de Tweede Wereldoorlog zijn 22 studenten van de toenmalige Katholieke Economische Hogeschool (nu: Tilburg University) omgekomen. Door de ogen van twee bevriende Brabantse studenten onderzochten cultuurwetenschapper Liesbeth Hoeven en haar team hoe het is om te moeten kiezen tussen de collegebanken of de Duitse oorlogsfabriek. Resultaat van dit onderzoek is de documentaire Loyaal! Maar waaraan?, een productie van PLUGr.tv in samenwerking met Tilburg Cobbenhagen Center.
Op 13 maart 1943 werd door de Duitse bezetter de loyaliteitsverklaring ingevoerd en aan studenten voorgelegd. Hierin moesten zij beloven zich te 'onthouden van iedere tegen het Duitse Rijk [...] gerichte handeling'. Tot 10 april 1943 had men de tijd te ondertekenen. Wie niet tekende, mocht geen colleges meer volgen en moest zich melden in Ommen bij de Arbeitseinsatz. Deed men dit niet, dan werden represaillemaatregelen tegen familieleden getroffen.

Onder de bezielende leiding van Martinus Cobbenhagen was de Tilburgse Hogeschool in die tijd een hechte gemeenschap. Voor deze priester en hoogleraar economie was wetenschap en onderwijs meer dan alleen kennisoverdracht en het halen van een diploma. Het vormen van sociaal verantwoordelijke burgers vond hij net zo belangrijk. Vrijwel alle studenten aan de Hogeschool besloten de verklaring niet te tekenen, met als gevolg de sluiting van deze onderwijsinstelling. Docenten en studenten bleven contact houden en probeerden elkaar moreel en concreet te helpen. Ook hierin speelde Cobbenhagen een belangrijke rol.

Eén van de Tilburgse studenten die weigerde te tekenen was de inmiddels 94-jarige Frans Linders. Hij werd als dwangarbeider in de Duitse wapenindustrie te werk gesteld. In de documentaire wordt daarnaast stilgestaan bij Adrianus Brekelmans, vriend en lotgenoot van Linders, die de tewerkstelling in Duitsland niet overleefde.

De documentaire kijkt niet alleen naar de dillema's van de oud-studenten en de herinneringen van hun nabijbestaanden, maar stelt ook de vraag: wat zou jij doen?

Deze DVD is te bekijken op de raadpleegpc's op niveau 0 van de universiteitsbibliotheek.
Vindplaats: BENG DVD LOYA 2017

maandag 30 april 2018

De zaak Organon. Geneesmiddelen in de greep van bedrijvenpoker

Begin januari verscheen een boek over Organon, het bedrijf uit Oss dat uitgroeide van een kleine insulineproducent tot een internationaal farmaceutisch bedrijf. Een bedrijf dat bekend werd door de meest gebruikte anticonceptiepil ter wereld. De zaak Organon verhaalt over hoe het kon dat een sterk bedrijf ten onder ging aan korttermijnwinstbejag van Amerikaanse multinationals en hun Nederlandse bondgenoten. De auteurs, Jack Burgers en Johan Heilbron, laten zien hoe dit kon gebeuren. Tachtig jaar lang was Organon een succes, onder andere door de anticonceptiepil. Organon was vernieuwend tot het laatst toe, maar ging toch ten onder. Hoogwaardig onderzoek en potentiële kennis verdwenen en ruim 2.000 banen gingen verloren, onder andere door de druk van de aandeelhouders. Achtereenvolgens komen in het boek aan de orde: de expansie, de pil, het mirakel van Oss, Organon binnen Akzo, de aandeelhoudersrevolutie, bedrijfsovernames, het Amerikaans regime, de gevolgen van de reorganisatie voor het personeel, het creatief provinciaal beleid en het Pivot Park.

Vindplaats: BRA V3 BURG 2018

zaterdag 14 april 2018

Gastelse kermis in 1907

Nu de kermis in Oud Gastel nog in volle gang is, gaan we terug in de tijd met een aantal stereofoto's uit 1907 van deze festiviteit. Van oorsprong is een kermis een jaarmarkt ter gelegenheid van de wijdings- of feestdag van de parochiekerk. Het woord is een verbastering van kerkmis of kerke-misseIn Oud Gastel vond tot 1930 de kermis plaats rond 10 augustus: de feestdag van Sint-Laurentius, patroonheilige van de plaatselijke parochiekerk. Aanvankelijk duurden de festiviteiten zes dagen, later is dat teruggebracht naar drie dagen. Op de Markt stonden attracties als de draaimolen en schiettent. Kramen met snoep, speelgoed en snuisterijen vormden vanaf de Markt een lange rij tot voorbij het postkantoor in de Dorpsstraat.
A.M.B. Smulders (Sint-Michielsgestel 1867 - Oud Gastel 1923), de maker van de foto's uit onze collectie, was van 1902 tot zijn dood notaris in Oud Gastel. In de periode 1907-1909 was hij een fanatieke amateurfotograaf en maakte vele opnames, onder andere van zijn woonplaats. Toen hij merkte dat zijn werk hier onder ging lijden, is hij vrij abrupt met fotograferen gestopt. Hieronder een foto van Smulders met zijn vrouw Maria Theodora Aelberts op het notariskantoor, wellicht gemaakt met een zelfontspanner.


De volgende stereofoto geeft een mooi overzicht van bovenaf op de kramen en het volk dat op de been was.


Jong en oud liep langs de kramen op de Markt. Hieronder is op de achtergrond het raadhuis en een gedeelte van de Sint-Laurentiuskerk te zien.


Smulders woonde in Dorpsstraat 4, de straat waar ook de kermiskramen stonden. Mogelijk heeft hij de volgende vier foto's, alle genomen vanuit een vrijwel identiek standpunt, vlakbij zijn huis gemaakt.


De twee vrouwen op bovenstaande foto zijn de schoonzuster en de moeder van burgemeester Mastboom, respectievelijk Julia Brosens en mevr. M. Mastboom-Gillis. Familie Mastboom behoorde ruimt twee eeuwen tot de elite van Oud Gastel. Henri Mastboom heeft de negatieven en stereoscoopafdrukken van weduwe Smulders en een andere verwante van de notaris na diens dood ter inzage gehad (zie verder: Mastboom en de 'Groote oorlog' van J.M.W. Hopstaken, pag. 95 e.v. in Jaarboek 74 De Ghulden Roos).

De
jongens met strooien hoed op de volgende foto zijn Walter en Anton Danis. Over deze jongens is weinig informatie te vinden, maar in de online collectie stereofoto's van Smulders bij het West-Brabants Archief vinden we ze vaker terug. En wel samen met de jongens Jan Mastboom en Stan de Bie, zoon van notaris De Bie uit Zundert. We mogen aannemen dat genoemde families elkaar kenden en bevriend waren.


De broertjes Danis staan ook op onderstaande foto, links in beeld. Bij de kraam, in het midden, een vrouw met een Thoolse muts.


De laatste foto toont dezelfde kraam met speelgoed. Op de voorgrond een onbekende jongen, die met verbaasde blik frontaal in de camera kijkt.


Helaas kan de dieptewerking van deze stereofoto's in dit blog niet weergeven worden; daarvoor is een speciale stereoscoopkijker nodig. Stereofotografie kende in de negentiende en twintigste eeuw een aantal populariteitsgolven. Het begon mei 1851 in Engeland met koningin Victoria; zij raakte tijdens de Eerste Wereldtentoonstelling verrukt van de driedimensionale beelden. Al snel groeide deze bijzondere vorm van fotografie daar uit tot een ware rage. De foto's werden gemaakt met een speciale stereocamera met twee identieke objectieven. Stereokaarten werden in grote oplagen gedrukt en waren, evenals een bijbehorende stereoscoopkijker, redelijk betaalbaar. Door de voortschrijdende techniek konden stereokaarten steeds eenvoudiger en goedkoper worden geproduceerd. Daarnaast kwamen er complete systemen op de markt, waardoor ook amateurs dergelijke foto's konden gaan maken. Rond 1914 was stereofotografie onder amateurfotografen zo populair, dat er bijna evenveel stereo- als gewone camera's in gebruik waren. In het kielzog van de stereofilm volgde nog een kleine opleving van de stereofotografie rond 1955.

Meer foto's van de Gastelse notaris Smulders zijn te vinden op de beeldbank van het West-Brabants Archief.