Over mij

Mijn foto
De Brabant-Collectie is in 1837 in 's-Hertogenbosch opgericht door het Provinciaal Genootschap van Kunsten en Wetenschappen in Noord-Brabant en wordt sinds 1986 beheerd door de bibliotheek van de Universiteit van Tilburg

maandag 11 september 2017

DVD: De Parel, Prinsenbeek 2010

Deze DVD van Heemkundekring 'Op de Beek' toont Prinsenbeek zoals het was, is en blijft. De documentaire wordt in- en uitgeleid met het volkslied van dit dorp. Oude prentbriefkaarten en foto's illustreren de wording van Prinsenbeek. Vanaf de veertiende eeuw is er sprake van het gehucht Beek. De bewoners waren boeren, land- en tuinbouwers, dagloners, ambachtslieden en later arbeiders in de opkomende industrie. Beek behoorde aanvankelijk tot gemeente Princenhage. In 1796 werd het een zelfstandige parochie met een eigen kerk, gewijd aan Onze Lieve Vrouw ten Hemelopneming. In 1942 werd het kerkdorp een zelfstandige gemeente. Om verwarring met andere plaatsen met de naam Beek te voorkomen, werd in 1951 de naam veranderd in Prinsenbeek. In 1997 kwam een einde aan de zelfstandigheid en ging het op in gemeente Breda.
Momenteel is het een modern dorp met een actieve dorpsraad en een bloeiend verenigingsleven. Op het eerste gezicht lijkt Prinsenbeek ingeklemd te liggen tussen spoor- en verbindingswegen, maar dit maakt het dorp juist tot een prima uitvalsbasis naar binnen- en buitenland.

De DVD kunt u bekijken op de raadpleegpc's in de universiteitsbibliotheek.

Vindplaats: BENG DVD PARE 2010

donderdag 31 augustus 2017

Oogsttijd

Na het ploegen en zaaien in de lente is augustus (hiervan is het woord ‘oogsten’ afgeleid) voor boeren de maand om het koren te maaien en binnen te halen. Het graan op de akker moet voor de oogst voldoende rijp en droog zijn. De juiste oogstperiode is maar kort, dus moet er snel en efficiënt gewerkt worden. Tegenwoordig heeft men daarvoor de beschikking over een arsenaal aan machines; vroeger was hier veel werkvolk voor nodig.

Op onderstaande ingekleurde prentbriefkaart van Herman de Ruiter (1871-1949) maait een boer rond 1900 het koren met de hand. De opname is hoogstwaarschijnlijk in de Meierij gemaakt. De mannen maaiden de halmen met gestrekte rechterarm met een sikkel of zicht. Men begon vaak pas in de middag, omdat de dauw uit het koren helemaal verdampt moest zijn. In zijn andere hand had de boer een pikhaak om de aren rechtop te houden en in hopen op het veld te leggen. De vrouwen en meisjes raapten deze korenaren achter de maaier op en bonden deze met in elkaar gedraaide aren tot een schoof (ook wel garf of garve). Meerdere schoven zetten zij rechtop tegen elkaar in een hok te drogen zoals op de tweede afbeelding te zien is. Per streek of soms per dorp kon de vorm van deze hokken verschillen.
Koren maaien
Fotograaf: Herman de Ruiter
Prentbriefkaart, 1902 (tweede serie)
Uitg. J.J.N. Loretz, Fa. Wed. J. Loretz, 's-Bosch
De gerijpte en gedroogde korenschoven werden met een hoogkar van het land gehaald. De hiervolgende ansichtkaart toont de opsteker die schoof voor schoof rogge aan de gaffel prikt  en op de wagen gooit naar de lader. Vroeger werd rogge veel verbouwd in Noord-Brabant voor het bakken van brood. Na de oogst was de akker veranderd in een stoppelveld. Voor het land echter weer werd omgeploegd, kwamen de arenlezers – meestal vrouwen en kinderen – om de overgebleven aren te verzamelen.
Rogge in Schooven
Fotograaf: onbekend
Prentbriefkaart, na 1905
Uitg. Weenenk & Snel, Den Haag
(gedrukt bij Dr. Trenkler Co, Leipzig)
Onderstaande opname uit 1917 toont een vrouw bovenop de hoogkar. Zij werpt de schoven naar de man die de stromijt oftewel stroschelf buiten bij de boerderij maakt. De steun om de kar stabiel te houden is zichtbaar. 
Brabantsch, Dorpsleven – Het opzetten der stroomeit
Fotograaf: onbekend
Prentbriefkaart, 1917 (serienummer 17|0104)
J.H. Schaefer's Platino Uitg., Amsterdam
Was de oogst eenmaal van het veld, dan moest het koren nog worden verkregen. Dorsen was een eerste bewerking van het graan. Meestal vond het volledig uitdorsen van de aren in de winter plaats. Als een boer al zaaigoed nodig had of de voedselvoorraad uitgeput was, werd er direct na de oogst gedorst. Dit wordt ook wel voordorsen genoemd. Onderstaande foto van de Veghelse fotograaf Frans Stender (1893-1937) toont het hanteren van de dorsvlegel
Noord-Brabantsch Dorpsleven - Rogge-dorschers
Fotograaf: Frans Stender, Veghel
Prentbriefkaart, 1906 (serienummer 6416)
Uitg. Gez. Van Roosmalen, Veghel
Vervolgens moest het kaf van het koren gescheiden worden. Het lichtere kaf moest met behulp van de wind of een luchtstroom afgezonderd worden van de graankorrels. Dit gebeurde met de wan of wanmolen. Zowel mand als machine zijn te zien op onderstaande prentbriefkaart. Na het uitzeven van ongewenste elementen, was het graan klaar om gemalen te worden.
Brabantsch, Dorpsleven – De korenwan
Fotograaf: onbekend
Prentbriefkaart, 1917 (serienummer 17|099)
J.H. Schaefer's Platino Uitg., Amsterdam

maandag 14 augustus 2017

Zilver in en rond Bergen op Zoom

Eind mei verscheen een uitgebreid boek en catalogus bij de tentoonstellingVoorbij ijdelheid. Zes eeuwen zilver in en rond Bergen op Zoom’. Dit boek over zes eeuwen zilver in Bergen op Zoom en omgeving geeft het verhaal weer van 400 zilversmeden en 120 van hun objecten. Het toegankelijke boek heft een hiaat in de geschiedenis van de stad Bergen op Zoom op en vertelt in leuke verhalen de geschiedenis achter de zilverobjecten. In het boek komen verder onder andere aan bod: het gilde van de goud- en zilversmeden, de keuren, de invloed van Antwerpen, het determineren van zilvermerken, zilver op papier en vals zilver. Tevens bevat het de biografieën van de zilversmeden die tot in de 20e eeuw actief waren. Ook is er aandacht voor de onlangs door het Rijksmuseum aangekochte zeldzame schuttersketen, die toebehoorde aan het schuttersgilde in Zevenbergen. Dit voorbeeld van hoge kwaliteit edelsmeedkunst, vervaardigd in Bergen op Zoom of Breda, behoorde aan Cornelis van Glymes, heer van Zevenbergen.

De tentoonstelling ‘Voorbij ijdelheid. Zes eeuwen zilver in en rond Bergen op Zoom’ duurt nog tot en met 29 oktober 2017 en is te zien in het Markiezenhof te Bergen op Zoom. De objecten werden gefotografeerd door een gespecialiseerde fotograaf en de verhalen van de objecten werden zo nauwkeurig mogelijk opgetekend op basis van informatie uit diverse bronnen.

Vindplaats: BRA J RIJE 2017

maandag 31 juli 2017

Tijdschrift: Heemschild

Het tijdschrift Heemschild is een uitgave van Heemkundige Kring De Oude Vrijheid uit Sint-Oedenrode. Het blad verschijnt vier keer per jaar, sinds 2017 (nr.2) als kleurendruk. De inhoud van de jaargangen 1967-2016 is online raadpleegbaar.
Het werkgebied van deze heemkundekring, opgericht in 1954, omvat gemeente Sint-Oedenrode en aangrenzende gemeenten (o.a. Son en Breugel en Liempde). Doel van de vereniging is het wekken van belangstelling voor de eigen streek en haar bewoners. Het eerste nummer van Heemschild verscheen in 1967. Pater Wiro Heesters (1914-1996) legde hiervoor de basis. Hij was bestuurslid van de heemkundekring en schreef jarenlang een groot aantal bijdragen voor het periodiek. Bedoeling was middels het blad de leden die niet regelmatig naar de vergaderingen kwamen op de hoogte te houden van de activiteiten. Daarnaast wil men een ieder kennis bijbrengen van de geschiedenis van Sint-Oedenrode. Momenteel heeft Heemschild als ondertitel:
Geschiedenis - Archeologie - Fotografie - Natuur van Sint-Oedenrode

Sint-Oedenrode heeft een rijke geschiedenis. Het was de hoofdplaats van het Kwartier Peelland en de voormalige hoofdplaats van Graafschap Rode. De Meijerij bestond vroeger uit vier landstreken; de vier Kwartieren van de Meijerij. Omstreeks 1231-1232 kregen de hoofdplaatsen vrijheids- oftewel stadsrechten van de hertog van Brabant. Ook Sint-Oedenrode werd zo een vrijheid. Vrijheidsrechten betekenden voor de inwoners van het dorp dat zij voortaan vrije burgers waren; ze vormden zo een aparte stand naast de adel en de geestelijkheid.
Met ingang van 1 januari 2017 vormt Sint-Oedenrode samen met Schijndel en Veghel de nieuwe gemeente Meierijstad.

Heemschild is vanaf jaargang 1 (1967) tot heden aanwezig en raadpleegbaar op niveau 0 van de universiteitsbibliotheek.

Vindplaats: T 07405

maandag 17 juli 2017

DVD: Carrousel

Vrijdag 17 juli a.s. gaat de Tilburgse kermis weer van start. In aanloop naar dit grootse evenement besteden we vandaag aandacht aan een DVD uit 2009 van Ton van Zantvoort, getiteld Carrousel. Deze korte, persoonlijke film van de Brabantse cineast gaat over de kermis als intrigerende ontmoetingsplek, vroeger en nu. Toen was het een uniek verzetje waar iedereen naar toe leefde, nu is het massa-entertainment.
Lichtjes, zwieren, zwaaien en draaien, Van Zantvoort toont het op een poëtische manier. Historische zwart-wit beelden vloeien vlekkeloos over in de kleurrijke beelden van nu. Herinneringen aan de kermis van vroeger zijn als voice-over toegevoegd. De schiettent, de kop-van-Jut en de danstent waren de plaatsen waar jongeren uit de omliggende dorpen elkaar troffen.
Van Zantvoort ging na het Grafisch Lyceum Eindhoven naar de Academie voor Beeldende Kunsten Sint-Joost in Breda, waar hij cum laude afstudeerde in 2003.

De DVD kunt u bekijken op de raadpleegpc's in de universiteitsbibliotheek.

Vindplaats: BENG DVD CARR 2009

woensdag 12 juli 2017

Handschrift Jac Vos

Onlangs heeft de Brabant-Collectie middels schenking het handschrift Een boerenleven: ontwikkelingsgang van het boerenbedrijf in de zandstreken van West-Noord-Brabant over de laatste 70 jaren van Jac Vos verworven.
Titelpagina

Portret van Jac Vos (1871-1948)
Fotograaf: onbekend
(Collectie Joseph Vos)
Jac Vos, geboren in gemeente Roosendaal en Nispen op 13 juli 1871 en aldaar overleden op 17 december 1948, stamde uit een katholieke familie van welgestelde boeren. Hij was eveneens landbouwer en veefokker tot 1927. Zijn boerderij bevond zich aan de Vinkenbroeksche straat 3.


De door Jac Vos gebouwde boerderij, 1926
Prentbriefkaart
(Collectie Joseph Vos)
Na zijn terugtrekking uit het bedrijf wijdde Jac, ook wel Ko Vos genaamd, zich verder aan talrijke bestuurlijke functies in regionale landbouworganisaties. Hij was o.a. 40 jaar voorzitter van de Noordbrabantsche Christelijke Boerenbond, afdeling Roosendaal en ruim 20 jaar actief in het hoofdbestuur. In Roosendaal richtte hij de Boerenleenbank op en bleef ruim 40 jaar voorzitter. Dezelfde rol bekleedde hij voor de R.K. Landbouwwinterschool. Vos was oprichter en voorzitter van de fokcentrale in Roosendaal en medeoprichter en voorzitter van de Coöperatieve Beetwortelsuikerfabriek Roosendaal tot de fusie met ‘De Dinteloord’ en Zevenbergen. Als pleitbezorger van de boeren had hij tevens politieke aspiraties. Van 1897 tot 1927 was hij gemeenteraadslid in Roosendaal en Nispen. Van 1923 tot 1927 was hij Provinciale Statenlid en 8 jaar lang belangenbehartiger in de Tweede Kamer voor de fractie van de Roomsch-Katholieke Staatspartij tijdens het interbellum (1925-1933). Zowel zijn voorouders als zijn nakomelingen hebben een rol gespeeld in het lokale bestuur en daarbuiten. Eind jaren vijftig is er een straat in de nieuwe wijk Westrand naar Vos vernoemd. Die straat ligt niet ver van zijn laatste woonhuis aan de Wouwscheweg 1a, gebouwd door Jac. Hurks.

Het in een omslag gestoken, losbladige handschrift bestaat uit 147 pagina’s en dateert vermoedelijk van vóór 1940. Het betreft een minutieuze beschrijving van het boerenleven, de omvang (aantallen en soorten vee, oppervlakte van de bedrijven en inrichting van de gebouwen), het teeltplan (soorten gewassen), de werkzaamheden het jaar rond, de gebruiken, de cultuur, maar ook de ontwikkelingen binnen de bedrijven en op bestuurlijk niveau (opkomst landbouwcoöperaties).
Pagina 1 uit het handschrift: Algemeen overzicht
Het handschrift zal waarschijnlijk gediend hebben voor de artikelen die Vos in het Jaarboek De Ghulden Roos publiceerde: 
  • ‘Boekweitfooi: bijdrage tot de studie van den ontwikkelingsgang van het boerenbedrijf in de zandstreken van Westelijk Noord-Brabant’, in: Jaarboek nr. 1 (1941), p. 101-104. 
  • ‘Uitvindingen in onze streken op het terrein van den landbouw: bijdrage tot de studie van den ontwikkelingsgang van het boerenbedrijf in de zandstreken van Westelijk Noord-Brabant’, in: Jaarboek nr. 3 (1943), p. 58-60.
Zijn teksten kunnen bijvoorbeeld fraai geïllustreerd worden met prentbriefkaarten van het Brabants Dorpsleven.
Brabantsch Dorpsleven: Het dorschen van boekweit
J.H. Schaefer's Platino Uitg.  Amsterdam 
0102|17
Prentbriefkaart, 1917

Pagina 26 uit het handschrift: Het blekken of schillen van eikenhout

Eikschillers in het bosch
Uitgever en fotograaf: A. van Erp, Ginneken, vóór 1907
Prentbriefkaart
Naar verwachting zal eind 2017 zowel het handschrift als het typoscript (158 pagina’s) via de Brabant Cloud digitaal beschikbaar gesteld worden (fulltext doorzoekbaar).

Literatuur:
Bij het overlijden van Jac Vos plaatste het Brabants Nieuwsblad (18 december 1948) een uitgebreid artikel.

Verwijzingen naar (teksten van) Jac Vos in:
  • Ir. A.H. Crijns en prof.dr. F.W.J. Kriellaars, ‘Het gemengde landbouwbedrijf op de zandgronden in Noord- Brabant 1800-1885’, in: Bijdragen tot de geschiedenis van het Zuiden van Nederland (deel LXXII), Tilburg: Stichting Zuidelijk Historisch Contact, 1987. Zie p. 229, 247, 267, 273.
  • Ir. A.H. Crijns en prof.dr. F.W.J. Kriellaars, ‘Ontwikkeling en verandering in de agrarische sector’, in: Geschiedenis van Noord-Brabant, deel 2 (1890-1945, Emancipatie en industrialisering), Amsterdam / Meppel: Boom, 1996. Zie p. 162-182.
  • Ir. A.H. Crijns, ‘De grote ommekeer in de agrarische sector’, in: Geschiedenis van Noord-Brabant, deel 3 (1945-1996, Dynamiek en expansie), Amsterdam / Meppel: Boom, 1997. Zie p. 148-167.
De bestuurlijke rol van Jos Vos in Roosendaal en West-Brabant wordt beschreven in: 
  • Dr. L.J.P. van Gastel, ‘Roosendaal tussen platteland en stad’, in: Bijdragen tot de geschiedenis van het Zuiden van Nederland (deel C: A 1770-1900), Tilburg: Stichting Zuidelijk Historisch Contact, 1995. Zie p. 101-102, 284, 341.
  • Dr. J.J.A.M. Gorisse, ‘Roosendaal tussen platteland en stad’, in: Bijdragen tot de geschiedenis van het Zuiden van Nederland (deel C: B 1900-1970), Tilburg: Stichting Zuidelijk Historisch Contact, 1995. Zie p. 14, 19, 30, 66, 112, 114, 168, 227. 

dinsdag 11 juli 2017

Schenking fotocollectie Nard Vogels

Op 20 mei jl. schonken de kinderen van Nard Vogels zijn gehele fotografische oeuvre in de vorm van ca. 3.100 afdrukken (zowel vergrotingen als foto’s in albums), ruim 5.000 (glas)negatieven en 827 dia’s aan de Brabant-Collectie. Het ontsluiten en duurzaam conserveren van deze collectie zal de nodige tijd in beslag nemen.
Nard Vogels bij vergrotingsapparaat
© Jan van Eijk
Nard Vogels (1900-1973) is een Brabantse amateurfotograaf die naast zijn werk op de boerderij, de natuur en het dagelijks leven in onze provincie fotografeerde. Hij woonde in het buurtschap Vlokhoven te Eindhoven en had 9 kinderen. Vaak trok hij in alle vroegte, als de nevel nog over de velden hing, erop uit om dauw op spinnenwebben en planten te fotograferen.Hij had een hechte verbondenheid met de natuur. 
Bedauwde grashalm, 1942
© Nard Vogels | Brabant-Collectie, TiU
Vogels was bevriend met Martien Coppens (1908-1986), wiens kerncollectie zich ook bij de Brabant-Collectie bevindt. Beiden fotografeerden veelvuldig het boerenleven en de natuur en hadden een goed oog voor het lichtspel en de weergave van dreigende luchten en wolkenpartij. Coppens fotografeerde Nard Vogels als boer tussen 1935-1940.
De Maaier, eind jaren 30
© Nard Vogels | Brabant-Collectie, TiU
Nard ontwikkelde zelf zijn platen en films en maakte na selectie tevens zijn vergrotingen. Vervolgens bracht hij nauwkeurig retouches aan op de afdrukken, die hij inzond naar fotowedstrijden. Tientallen prijzen en eervolle vermeldingen heeft hij behaald, zowel op tentoonstellingen als wedstrijden (ook in buitenland). Hij was lid van de Eindhovense fotoclub ‘De Amateur’.

Naast familiefoto’s en portretten maakte hij opnamen van o.a. boerenleven, ambachten, gebouwen, stillevens, (winter)landschappen en flora en fauna. 

Een impressie:
Nijs en Frans Vogels bij hun paard, 1943
© Nard Vogels | Brabant-Collectie, TiU
Dauw op spinnenweb, 1953
© Nard Vogels | Brabant-Collectie, TiU
Waterlelies, 1936
© Nard Vogels | Brabant-Collectie, TiU
Wilgenkatjes, 1935
© Nard Vogels | Brabant-Collectie, TiU
Vis met uien op een bord, 1934
© Nard Vogels | Brabant-Collectie, TiU

Het schaduwspel met drie glazen, 1938
© Nard Vogels | Brabant-Collectie, TiU
De collectie Nard Vogels vormt een mooie aanvulling op het reeds aanwezige werk van zes andere Brabantse fotografen.