Op 9 november 1905 werden de trappen van het Heusdense stadhuis bezet door een aantal Leidse studenten in zeventiende-eeuws aandoende kostuums. Zij lazen een proclamatie voor als protest tegen de verkoop van de bezittingen van het Heusdense schuttersgilde van Sint-Joris. Dit eeuwenoude gilde was recentelijk ten onder gegaan. Het handjevol overgebleven schutters had besloten de boel op te heffen, de overgebleven bezittingen te verkopen en de opbrengst grotendeels onderling te verdelen. Door deze verkoop dreigde kostbaar en uniek Heusdens erfgoed, zoals het gildezilver, voor de stad verloren te gaan. Dit was veel Heusdenaren een doorn in het oog en de Leidse studenten kwamen hen te hulp. Hun pleidooi voor het behoud van gildebezit voor de Heusdense gemeenschap was succesvol en de verkoop werd teruggedraaid. De objecten werden in plaats daarvan aan het Rijk geschonken, dat de stukken vervolgens aan Heusden in bruikleen gaf.
 |
De Leidse studenten op de trappen van het stadhuis van Heusden. Fotograaf onbekend. Knipsel in: KHS B 63 (Brabant-Collectie, Tilburg University) |
Het roerige einde van het Sint-Jorisgilde van Heusden haalde zelfs de landelijke kranten. Een halve eeuw eerder leek er nog geen vuiltje aan de lucht. In 1856 werd uitgebreid gevierd dat het 500 jaar geleden was dat het Sint-Jorisgilde van Heusden van hertogin Johanna van Brabant een schenking van een stuk land ontving als dank voor bewezen en toekomstige diensten.
Een uitgebreid verslag van de uitbundige festiviteiten rondom dit jubileum lezen we in: Geschiedenis van het collegie van oude schutters van S. Joris en der jonge colvenieren te Heusden. Dit boek verscheen in 1862. Het werd geschreven door Johannes Augustus Gerlach Junior (1790-1881). Deze Heusdense notaris en lid van de Provinciale Staten van Noord-Brabant was sinds 1822 zelf lid van het Sint-Jorisgilde te Heusden en werd meerdere malen tot hoofdman benoemd.
 |
Hoofdmanschild van Johannes Augustus Gerlach junior. Het was gebruikelijk dat een hoofdman bij elke benoeming een zilveren schildje aan het gilde schonk. (Collectie: Museum Het Gouverneurshuis, Heusden. Foto: René van Boxtel) |
In de Brabant-Collectie bevindt zich een bijzondere verzameling documenten met betrekking tot Gerlachs boek over het gilde. Onder signatuur KHS B 63 treft men het oorspronkelijke manuscript van zijn werk aan, inclusief vele door Gerlach verzamelde aantekeningen en enkele geschrapte versies van de tekst. Bij het manuscript zijn ook enkele losse litho’s ingestoken, die achter in het boek van Gerlach als prenten zijn afgedrukt. Daarnaast bevat KHS B 63 correspondentie aangaande de totstandkoming van Gerlachs werk. Zo zijn er brieven van de Groningse uitgever P. van Zweeden en brieven van de Bossche drukker J.F. Demelinne met betrekking tot de prenten. Een derde verzameling brieven is afkomstig van L.C. de Fremery en betreft zowel het manuscript als prenten. Hij wordt door Gerlach in het voorwoord van zijn boek bedankt voor zijn ondersteuning bij Gerlachs werkzaamheden.
 |
Titelpagina van het manuscript voor Geschiedenis van het collegie van oude schutters van S. Joris en der jonge colvenieren te Heusden (1862). KHS B 63 (Brabant-Collectie, Tilburg University) |
Gerlach geeft in zijn voorwoord aan dat hij het boek heeft geschreven op verzoek van zijn medeschutters om “zoo mogelijk het belangrijkste uit de geschiedenis van het collegie te verzamelen, tot een gedenkboek dezer zoo aloude inrigting, een gedenkboek dat de roemrijke daden van het voorgeschlacht mijner stadsgenooten aan de vergetelheid ontrukt”. Een belangrijke taak dus, waarvan het resultaat door het gilde op prijs werd gesteld. Dit blijkt onder andere uit een toegevoegd exemplaar van het Staat- en letterkundig dagblad De Noordbrabanter van dinsdag 20 januari 1863. Hierin wordt vermeld dat Gerlach als dank door zijn medeschutters een “zeer fraai geschenk van kristal, rijk in zilver gevat” werd aangeboden. Gerlach had er dan ook werk van gemaakt. In zijn boek vinden we een uitgebreid overzicht van de geschiedenis van de schutters met in de bijlage afschriften van belangrijke documenten en een flink aantal prenten, waaronder afbeeldingen van Johanna van Brabant, de drinkhoorn en koningsketen van het gilde en de wapenschilden van afzonderlijke hoofdlieden van het gilde.
 |
Uitgave van Geschiedenis van het collegie van oude schutters van S. Joris en der jonge colvenieren te Heusden. (CBM 645 D 04, Tilburg University)
|
Hoewel Gerlachs boek een zeer belangrijke bron van informatie over het gilde is, is de auteur wel erg toeschietelijk wanneer het gaat om het bewijzen van de eeuwenoude status en heldendaden van het gilde. De vroegst bekende vermelding van het Sint-Jorisgilde in Heusden is 1356, het jaar dat Johanna van Brabant haar schenking aan het gilde deed. Omdat er in de inmiddels verloren akte staat dat de schutters van Heusden de schenking ontvingen als dank voor bewezen en toekomstige diensten, is het goed mogelijk dat het gilde toen al enige tijd bestond. Gerlach voert de voorgeschiedenis van de schutters terug tot het jaar 1048. Hoewel dit niet uit te sluiten is, is hier geen duidelijk historisch bewijs voor. Desalniettemin levert Gerlachs werk een schat aan informatie over de geschiedenis van het gilde en zeker zijn informatie over de achttiende en negentiende eeuw is zeer gedetailleerd. Hij zat uiteraard ook dicht op het vuur.
Gerlach overleed in 1881. Hij maakte het rumoerige einde van het Sint-Jorisgilde nog geen vijfentwintig jaar later dus niet meer mee. Zijn manuscript en de bijbehorende documenten zijn door hem aan het Provinciaal Genootschap van Kunsten en Wetenschappen in Noord-Brabant geschonken, waar hij zelf ook lid van was geweest.
In latere tijden zijn er documenten betreffende het einde van het gilde en het studentenprotest aan het manuscript van Gerlach toegevoegd. Het gaat hier bijvoorbeeld om krantenknipsels en de door de studenten op 9 november 1905 voorgelezen proclamatie.
 |
Deel van de toegevoegde krantenknipsels betreffende de opheffing van het Sint-Jorisgilde en het studentenprotest. KHS B 63 (Brabant-Collectie, Tilburg University) |
Op 11 april 2026 opent in Museum Het Gouverneurshuis in Heusden de tentoonstelling Vergeten Brabantse Gildeschatten. In deze tentoonstelling staan objecten centraal die ooit aan Brabantse schuttersgilden hebben toebehoord, maar die in loop der tijd uit het bezit van de gilden verdwenen zijn. Het gaat hierbij om objecten die vaak nauw verweven zijn met het gildewezen, zoals het gildezilver, maar ook een gildeboek en attributen als wapens en trommen. Ze kwamen terecht in depots van musea, archieven of particulier bezit en zijn daardoor vaak grotendeels aan het oog van het publiek onttrokken. De locatie van de tentoonstelling is zeer toepasselijk, want de oude schatten van het Heusdense Sint-Jorisgilde van weleer bevinden zich vandaag de dag in de collectie van Museum Het Gouverneurshuis. De tentoonstelling Vergeten Brabantse Gildeschatten zet deze en de objecten van vele andere Noord-Brabantse gilden in de schijnwerpers en laat ze ons meevoeren in de rijke geschiedenis en cultuur van de Brabantse schuttersgilden.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten